Arnhem, de stad van de parken

Startpunt/eindpunt: station Arnhem Centraal, aantal kilometers: 15, horeca onderweg: Molenplaats Sonsbeek en T-Huis Arnhem 

We waren het koude weer niet meer gewend de afgelopen dagen. Op een heldere koude najaarsdag liepen we de route het Parkenpad uit de nog te verschijnen gids “Wandelen buiten de binnenstad van Arnhem”.

Park Sonsbeek

We verlieten het station aan de achterkant. De wegen van de chique lanen bij het Park Sonsbeek lagen bezaaid met gekleurde bladeren.

Op de achtergrond hoorde we het gekletter van het water van één van de oudste gebouwen van Arnhem: de Witte Watermolen. De molen wordt aangedreven door het water van de Sint-Jansbeek. Er worden regelmatig rondleidingen gegeven. Het kennis- en ontmoetingscentrum voor het groen in stedelijke omgeving, de  Molenplaats, opent binnenkort het wandelcentrum van Arnhem.

Verborgen in het park zit het Nederlands Watermuseum. Onze route liep langs de oude Begijnenmolen waar het museum in is gevestigd.

Een ijsvogel vloog over het park. We waren te laat om deze vliegende edelsteen op de kiek te zetten. Zijn blauwe fluoriderende rug glinsterde in de zon.

Het pad week af en we beklommen de Hartjesberg waarna we bij de witte Stadsvilla Sonsbeek kwamen. De Witte Villa heeft vele bewoners gehad. Adiana Bayen en Hendrina Jansen lieten het landgoed in 1744 bouwen. In 1821 kocht Baron H.J.C.J van Heeckeren. De buitenplaats kreeg daarna een schoolfunctie, een museumfunctie en vanaf 2000 heeft het een horecafunctie. Vlakbij Huis Sonsbeek prijkt het Lorentz monument van de Arnhemse Nobelprijswinner Hendrik Antoon Lorentz.

Er werd volop gesport in het park. Naast wandelaars zagen we veel hardlopers die met hun sportschoenen stevig tussen de herfstbladeren stampten. Snel kwamen we bij de Steile Tuin. We wandelden op de trappen naar beneden tussen de kleurige plantenborder en de vele sculpturen. Ooit was dit de plek van de moestuin van de Baron van Heeckeren.

Het was één kleurenpallet van rood, geel, bruin en groen. Bladeren dwarrelden sierlijk langs ons naar beneden. Het was dringen geblazen bij de waterval. Een jonge hond durfde het smalle stenen bruggetje niet over. Hij had een angstige blaf. Ik kon hem wel begrijpen. Voetje voor voetje verplaatste ik me over de natte stenen om aan de overkant te komen. Door middel van een smal paadje kwamen we onder de waterval terecht. Tussen het vallende water zagen we twee zwanen.

Onze schoenen sloften tussen de gevallen beukenbladeren. We stapten rond de plas met in het midden het Reigereiland. We hadden uitzicht op de Brasserie de Boerderij, die tussen een arboretum van bomen lag.

Park Zijpendaal

We wandelden het Park Sonsbeek uit en het Park Zijpendaal in. Het park in Engelse landschapsstijl is ontworpen door de landschapsarchitect Eduard Petzold. We liepen langs de Sint-Jansbeek. Voor ons wandelde een jonge jongen met een beagle. Midden in het park lag het Huis Zypendaal met zijn torentjes en vestibule. De villa is tegenwoordig het hoofdkantoor van Stichting Het Geldersch Landschap.

We bleven de beek volgen en kwamen uiteindelijk uit bij een groot grasland dat meer een uitlaatplek van honden was. De beagle die nog steeds voor ons liep vond het prachtig om achter zijn soortgenoten aan te rennen. Wel had hij steeds zijn jong baasje in het vizier.

We wandelden over een smal paadje tussen de weilanden en liepen het bos met de hoge beuken weer in. Midden in het bos zat een vrouw. Toen we dichterbij kwamen, zagen we dat ze heel geconcentreerd paddenstoelen op een boomstam fotografeerde. Nadat ze ze op de foto had gezet, deed ik ook een poging om van de vlezige zwamplantjes een plaatje te maken.

In het bos klommen we via een trap de Ruyterenberg omhoog naar de uitzichttoren Belvédère. Deze uitkijktoren is gebouwd in opdracht van de Baron van Heeckeren en biedt een uitzicht over de stad en de wijde omtrek. De toren is gedurende het jaar elke laatste zondag van de maand open. In de zomermaanden is de pyloon elke zondag geopend.

Park Klarenbeek

Het leek alsof we in het buitenland liepen met de glooiende heuvels en kleine cottages. Het park Klarenbeek waar we kuierden behoorde bij het voormalig klooster Monninkhuizen.  We wandelden tussen de velden met koeien en schapen omhoog. Bovenop op de Cornelsberg hadden we een weids uitzicht. Tussen de bomen lag het restaurant De Steenen Tafel. Het etablissement is gehuisvest in een oude watertoren naar ontwerp van de architect Johannes van Biesen. Het is vernoemd naar één van de grafstenen van het vroegere monnikenverblijf dat is bewaard gebleven onder de naam “De Steenen Tafel”.

We liepen langs een aantal gedenkwaardige plekken zoals één van de grafstenen en de Van Heemstrabank. Deze bank is geplaatst ter herinnering aan de Baron van Heemstra, commissaris van de Koningin van Gelderland. Hij had zich ingezet voor het behoud van de Gelderse vrije natuur.

Op een klinkerweg wandelden we naar beneden en kwamen we in een moderne woonwijk met duurzame afwateringsystemen en groene daken.

Park Angerenstein

We waren net even gewend geraakt aan de bewoonde wereld of we wandelden het toegangshek van het Park Angerenstein. Het buitengoed dankt zijn naam aan de familie van Angeren.

We slingerden over de paden en langs de oevers van de beekjes. In het voorjaar zijn deze waterkanten rijkelijk begroeid met bosanemonen. Hier en daar waren muurtjes gemetseld waar het water langzaam naar beneden kabbelde. We wandelden door het rosarium waar de rozen inmiddels waren uitgebloeid.

Park Sacré Coeur

We werden overweldigd door al het natuurschoon. Het ene park was nog schoner dan het ander. Park Sacré Coeur was de vroegere Vogel- en Plantentuin. Arnhem was eind 19e eeuw erg populair voor de mensen die terugkeerden uit Nederlands-Indië. In deze tuin konden ze vogels en planten uit Nederlands-Indië bekijken. Tegenover dit park ligt het Museum Bronbeek en Koninklijk Tehuis voor Oud-Militairen.

In het park is het Sawah Belanda project te zien waar verspreid rond de vijver granietenbladzijden met verhalen over de gebeurtenissen van de Indische Nederlanders tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn geplaatst.

Park Presikhaaf

Aan het begin van de wandeling kwamen we het ene naar het andere koffietentje tegen. We besloten om niet meteen te gaan zitten na de treinreis en liepen de gelegenheden voorbij. Gedurende wandeling raakten de lokalen een beetje op en waren we genoodzaakt om bij de Intratuin voor Park Presikhaaf wat te gaan nuttigen. Tussen de kerstversiering en de diervoeder zaten we aan onze welverdiende appelpunt met slagroom.

Te midden van de flats van Presikhaaf lag het gelijknamige park. Het was echt een klim en klauterpark met de totempalen en de vlonderpaden. We hadden net onze versnapering op en kwamen langs een bijzonder drinklokaal. Het koepelgebouw stond ooit bij het Centraal Station van Arnhem. Bij de uitbreiding van het nieuwe station verdween deze koepel en nam een woningcoöperatie het monumentale pand over van de Nederlandse Spoorwegen Ze schonk het aan de wijk Presikhaaf. Nu is restaurant T-Huis er gevestigd.

Park Thialf

Het laatste deel van de route liep tussen het spoor en de nieuwbouw van Presikhaaf. Toen we onder het spoor door liepen deden we nog een park, Park Thialf, aan.

In het Spijkerkwartier moest een groene strook tussen scholen en het spoor omgevormd worden tot dit buurtparkje. Het park was omringd door een fris groen hek.

Volg me ook via Facebook

Advertisements

4 gedachtes over “Arnhem, de stad van de parken

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s